vrijdag 3 juni 2022

Notitie #448

Poetry is the subject of the poem, schrijft Wallace Stevens in gedicht XXII van The Man with the Blue Guitar. In het tweetalige Een blauwdruk voor de zon vertaalt Rein Bloem dat met: Dichten is de grondslag voor het gedicht. Dat is een wezenlijk andere bewering. 

Mogelijk baseert Bloem zich op secundaire literatuur (het is lang geleden dat ik Stevens' poëticale essay The necessary angel las), maar ook dan strookt zijn versie van de beginregel niet met de rest van het gedicht. Stevens heeft het hier niet over een actvititeit (het dichten), hij heeft het nadrukkelijk over een plek (poëzie), meer precies: over een afwezigheid (in de werkelijkheid en in het gedicht). 

Even verderop schrijft Stevens: there is// An absence in reality [...]. Bloem moet, door zijn beginregel, de dichter of lezer in het spel brengen: Is men// Afwezig in de werkelijkheid [...]. Daardoor wordt zijn vertaling een interactie tussen het gedicht, het dichten, de dichter en/of de lezer, waarbij men afwezig is. In het gedicht van Stevens draait het om de wisselwerking tussen de poëtische werkelijkheid (Poetry) en de tastbare werkelijkheid (Things as they are).

De juiste vertaling van de beginregel lijkt me letterlijk: poëzie is het onderwerp van het gedicht. Bloems vergissing (ik kan het moeilijk anders zien dan dat) lijkt voort te komen uit de gedachte dat poëzie en gedichten twee woorden voor hetzelfde zijn. Maar Stevens geeft in het gedicht voorbeelden van poëzie (sun's green/ Cloud's red, earth feeling, sky that thinks), 'things as they are' dus, die in de leegte van de werkelijkheid, en in de leegte van het gedicht, poëzie worden: hun ware gedaante verkrijgen. 

Stevens noemt dat in de slotregel mooi 'the universal intercourse'. Dat is veel méér dan Bloems 'alomvattend over en weer', het is letterlijk een 'intercourse', ze hebben gemeenschap met elkaar.

woensdag 18 mei 2022

Notitie #447

Roland Barthes beschrijft de (Parijse) striptease als een ritueel dat de vrouw als een 'object in disguise' moet verwezenlijken: het moment waarop zij volledig naakt is, is het moment waarop ze wordt gedeseksualiseerd. Een ritueel dat volgens Barthes wordt gedreven door [mannelijke] angst, een ritueel dat erotiek juist uitsluit: de dans verbergt de naaktheid, de edelstenen aan het ondergoed sluiten de toegang tot het lichaam af. Barthes noemt het een 'excorcisme van seks'.

vrijdag 13 mei 2022

Notities #444-446

444)

To amuse myself (there was no one else around) I began to think about the genre of the female nightdress in relation to plumbing. The one I was wearing was black silk and I suppose quite sensual in a generic way. I could promenade in it and I could masquerade in it, given that femininity was a masquerade anyway, I could see that black silk was a classic in the female nightwear genre.

Deborah Levy (1959), uit: The Cost of Living (2018)

De gedachte dat vrouwelijkheid een maskerade is, impliceert dat het 'vrouwelijke' geen deel uitmaakt van de ware identiteit van een vrouw. Er is bij Levy, terecht denk ik, een scheiding tussen de culturele en biologische identiteit, en tussen de sociale en private identiteit. Er is dus, meer bij vrouwen dan bij mannen, een 'ware' identiteit die door een masker wordt omhuld. 

445) Deze docu over Marilyn Monroe's onvoltooid gebleven laatste film Something's Got To Give (1962) maakt ongewild duidelijk hoeveel misogynie Monroe te verduren moet hebben gehad. Decennia na haar dood opent de docu doodleuk met de opmerking dat Monroe er ten tijde van Something's Got To Give weer goed uitzag, nadat ze in haar laatste fims 'overweight' was. In een andere, eveneens redelijk recente, docu over de film wordt Monroe's 36ste verjaardag tijdens de opnamen van de film aangewezen als het moment waarop Monroe zich realiseerde dat haar carrière ten einde liep omdat ze ouder werd. Zelf heeft ze zich bij mijn weten nooit in die zin uitgelaten. 

Als de filmbeelden iets laten zien, dan is het dat Monroe een uitzonderlijke actrice was, die het duidelijk niet alleen van haar uiterlijk hoefde te hebben. 

Bijzonder tragisch is dat Monroe's (mentale en fysieke) problemen tijdens het filmen van Someting's Got To Give haar werden aangerekend. Met name bij de outtakes en de foto's van het verjaardagsfeestje na een draaidag is het mentale wrak zichtbaar. In ieder geval voor ons, omdat we weten wat volgde.

446) Marilyn Monroe werd uiteindelijk ontslagen door de studio maar ze vocht dat ontslag (succesvol) aan. In die tijd schreef ze [in een brief aan Robert Kennedy] dat ze als 'earthbound star' het recht verdedigde 'to twinkle'.

donderdag 5 mei 2022

Notities #441-443

441) J. formuleerde vrij precies mijn valkuil in het schrijfproces, een valkuil die voortkomt uit de vraag hoe een idee valt te realiseren. Het idee komt uit je, zegt hij, en zodra het uit je is, is het iets anders, namelijk iets dat buiten de maker bestaat. De vraag voor de dichter is dus niet: hoe zorg ik ervoor dat het idee wordt wat ik ervan wil, maar eerder: wat wil het idee en hoe zorg ik ervoor dat hier recht aan wordt gedaan? 

442) De gedachte dat de dichter enkel een medium is, dat een gedicht door iets externs (of het onderbewuste) wordt 'doorgegeven', vind ik mooi, De kunst is vooral: open staan, tijd nemen, en dat externe (of dus het onderbewustzijn) zo veel mogelijk ruimte geven.

443) Discussie met F. over de vraag of de moraal een plek heeft in de kunst (hij verwijt 'mijn' generatie dichters moralistisch te zijn). Ik vind zijn standpunt sympathiek ('kunst is autonoom en daarom niet de plek voor moraliteit'), maar hij heeft me niet kunnen overtuigen dat mijn houding ('je ontkomt niet aan je eigen wereldbeeld en perspectief') onjuist is. 

Du Perrons Het Land van Herkomst gold in het gesprek als voorbeeld - zowel de opmerkingen die Mieke Bal er eens over had (zij beschuldigde Du Perron van seksisme en racisme) als de conclusie van het boek (de auteur besluit mee te lopen in een communistische demonstratie tegen het fascisme). In het eerste geval is de roman (onbewust) immoreel, in het tweede (bewust) moreel.

Als kunst autonoom is, en in principe zonder moraal, dan is dat buiten de maker om gerekend. F. formuleert misschien een consequentie van J.'s opvatting van het schrijven.

donderdag 24 maart 2022

Notities #439-440

439) Als het zich niet in een geheel laat vatten,wil het zich misschien liever in fragmenten laten uitdrukken.

440) In 'Bad Kids' van TTRRUUCES klinkt aan het eind (vanaf 2.38) een stem. Erg mooi effect is dat de muziek wordt weggedraaid zodra de stem spreekt (en weer terug wordt gedraaid zodra de stem zwijgt), alsof het een radio-dj is. Door dit dagelijkse effect in het liedje te integreren, wordt de muziek op een bepaalde manier gerelativeerd, getrivialiseerd, terwijl de (inhoudelijk triviale) stem op de voorgrond komt te staan. Daardoor ontstaat een wonderlijke samenwerking, die heel mooi bij de tekst en de sfeer van het liedje past.

vrijdag 18 februari 2022

Notitie #438

Telkens kom ik terug bij de fascinerende reeks 'Zog' van Erik Lindner (uit: Zog, 2018). Wat ik er hier over schreef, is niet onjuist, maar laat ten onrechte de positie van de dichter buiten beschouwing. Lindner beschrijft de branding namelijk wel, en inderdaad zo precies mogelijk, maar hij markeert steeds (terloops) dat het zijn eigen perspectief betreft. Dat hij degene is die op het strand de branding staat te beschrijven. (Hij beschrijft ook niet de zee, maar de branding, en de kust: want die kan hij zien).

Ook waar hij dat niet markeert, is de dichter duidelijk aanwezig: de beelden en vergelijkingen die hij gebruikt om de branding te beschrijven, zijn namelijk precies dat. Dus: door hem bedacht. Dat kan ook niet anders, want zonder zijn observaties, en zonder zijn technieken, kan hij die branding niet beschrijven. En het zou onzin zijn te doen alsof er niemand is die observeert.

Doordat de observaties en technieken persoonlijk zijn, en zichtbaar in de gedichten, is de dichter aanwezig in hetgeen hij beschrijft; in die zin zou je de beschrijvingen misschien ook als zelfportretten kunnen beschouwen. In ieder geval eigent de dichter zich hetgeen hij observeert toe. Dit laatste geldt misschien algemeen, maar in 'Zog' speelt dit (door de setting) verhevigd. 

Want wat staat de dichter op het strand te doen? Filmische beschrijvingen van de branding te maken? Zichzelf te beschrijven? Of staat hij zich tot de branding (of hetgeen die representeert) te verhouden? Nu ik ze opschrijf, hebben deze vragen onbedoeld iets komisch. Omdat ik deze vragen niet zou stellen bij een schilder of fotograaf? Omdat het antwoord op alle vragen ja en nee is? 

Omdat het de vraag is wat een dichter doet?

zondag 6 februari 2022

Notitie #437

 

Onder het Dan Brown-achtige detectiveverhaal van Roman Polanski's The Ninth Gate (1999) speelt zich het eigenlijke verhaal af: dat van de naamloze beschermengel (of beter: de demon, gespeeld door Polanski's vrouw Emanuelle Seigner) die de hoofdfiguur Dean Corso (Johnny Depp) beschermt en begeleidt in zijn zoektocht naar de negende poort van de duivel. Hier wordt overtuigend beargumenteerd dat ze bovennatuurlijk is: ze wordt voorgesteld als een 'student' van de duivel, een eeuwenoude demon (of misschien is ze zelfs de duivel zelf, of Lilith). Haar voornaamste doel is ervoor te zorgen dat wat moet gebeuren ook inderdaad gebeurt.

Als dat zo is, dan is Corso voorbestemd om door de negende poort te gaan. Dat maakt van Boris Balkan niets anders dan een instrument van de duivel: hij zet het verhaal in gang door Corso de opdracht te geven de drie overgebleven exemplaren van het (overigens fictieve) 17de eeuwse, occulte boek The Nine Gates of the Kingdom of Shadows met elkaar te vergelijken. Dat roept twee vragen op: waarom is Corso de 'uitverkorene', en waarom werd dan de slechterik van het verhaal, Balkan, zo wreed gestraft (hij verbrandt zichzelf per ongeluk levend tijdens een satanisch ritueel)?

Er wordt in de film geen ondubbelzinnig antwoord gegeven. Zo blijven méér vragen in de lucht hangen. Waarom werd Corso's vriend Bernie, bij wie hij Balkans exemplaar in bewaring had gegeven, aan het begin van de film vermoord (en door wie)? Wie liet de steiger instorten, die bijna op Corso terechtkwam? Hoe kwam de moordenaar van Barones Kessler (de eigenaar van één van de andere exemplaren) binnen? Waarom liet degene die het boek uit Corso's hotelkamer stal het doek waarin het was gewikkeld mddenin de kamer achter? Wie vervalste de laatste gravure, waardoor Balkans satanische ritueel mislukte (een vervalsing, immers, van een vervalsing, die in opdracht van de duivel zelf gemaakt moet zijn)? 

Op het eerste gezicht is de film opgebouwd uit een reeks filmische effecten, verwijzingen en cliché's. Maar bij nadere beschouwing is het een intrigerende mix van een queeste, een beschouwing over het bovennatuurlijke en het kwaad - én een (aforistisch) liefdesverhaal: de vrouwelijke demon ('The Girl') probeert Corso voortdurend (tot het kwaad) te verleiden en stelt hem tegelijk voortdurend op de proef. Dit alles binnen het raamwerk van de negen gravures, die de negen rituelen vertegenwoordigen: een soort negatief pad naar het Nirvana.