Het perspectief in 'You all loved him once' van Conor Oberst is vreemd. Het liedje beschrijft hoe het publiek zich tegen haar eigen helden kan keren, verwant aan de zondeboktheorie. Doordat een 'you' wordt aangesproken, behoort de spreker zelf niet tot het publiek. Het is dus geen analyse, maar een aanklacht.
Vrij algemeen wordt dit liedje geïnterpreteerd in het licht van een (naar later bleek) onterechte aanklacht (van verkrachting) tegen Oberst zelf, waardoor een deel van zijn eigen publiek zich tegen hem keerde. Als dat klopt, zingt hij dus eigenlijk ook: you all loved ME once.
In beide gevallen is het liedje onuitstaanbaar: in het eerste vanwege het opgeheven vingertje, in het tweede vanwege de verongelijktheid waarmee Oberst zich de slachtofferrol aanmeet. Maar het is niet onuitstaanbaar, zelfs ontroerend. Ik vermoed dat dat komt doordat geen van beide interpretaties wordt bevestigd of uitgesloten. Omdat beide interpretaties geldig zijn, heffen ze elkaar op.
Posts tonen met het label bright eyes. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bright eyes. Alle posts tonen
woensdag 8 november 2017
woensdag 19 november 2014
Notities #139-141
139) ‘Voor mij is kunst veel meer een kwestie van geloven
dan religie,’ zegt Deborah De Robertis in een mooi, nog ongepubliceerd interview dat
ik met haar had. Geloven is, zeker in deze context, een vorm van weten – en dat lijkt me de basis voor de
lef die ik in haar bewonder. Dat geloof geeft het vertrouwen om je op onbekend
gebied te wagen.
140) Toen Conor Oberst tijdens een van zijn redelijk recente
concerten in Paradiso een liedje van de niet zo goed ontvangen cd The people’s key van Bright Eyes
aankondigde, merkte hij een beetje schamper op dat de critici de cd niet hadden
begrepen. ‘Maybe they will understand it twenty years from now’.
141) De basis van poëzie is klank. Het resultaat van poëzie
is beeld.
dinsdag 3 juni 2014
Notitie #114
De liveplaat Motion sickness (2006) van Bright Eyes wordt afgesloten met een cover van ‘The biggest lie’ van Elliott Smith. Zanger Conor Oberst zingt het nummer met het vibrato dat in die tijd een beetje zijn handelsmerk was, maar dan extreem vet aangezet. Eigenlijk helpt hij daar het nummer mee om zeep, want het liedje drijft op de heldere, melancholische stem van Smith - en de wat dromerige melodie op de stuwende countrybegeleiding. In de versie van Bright Eyes is het liedje nogal sloom en (vooral) naargeestig.
Op Youtube staan de beelden bij dezelfde uitvoering: de bandleden dragen een Halloweenkostuum. Het verhaal wil dat de opname is gemaakt op de avond dat bekend werd dat Smith was overleden (wat kan kloppen want hij stierf als ik me niet vergis rond Halloween) en dat dit een spontane uitvoering van ‘The biggest lie’ was. Conor Oberst draagt een soort Pierlala-pak. Mogelijk drukt hij zijn schatplichtigheid aan Elliott Smith uit door in de cover zijn eigen stijl tot in het extreme door te voeren. Mogelijk ook speelt Oberst de rol van de Dood en doet hij Smith op deze manier uitgeleide.
donderdag 14 februari 2013
Notities #53-55
53) Het valt me nu pas op dat Elliott Smith, net als de vroege Bright Eyes, veel schrijft over een duistere vrouwfiguur, die tegelijk iets engelachtigs heeft. Bij Smith is dat in meerdere liedjes 'Pretty Mary K', bij Bright Eyes, op de cd Fevers and mirrors, 'Arienette'. Het is een heel Romantisch beeld, de vrouwfiguur beeldt niet alleen een noodlottige liefde uit, maar volgens mij ook een noodlot.
54) Opvallend aan de postume cd New moon van Elliott Smith, bestaande uit demo opnamen van liedjes waarvan ik werkelijk geen idee heb waarom die niet gewoon destijds op een cd terecht zijn gekomen, is het geluid van de vingers die over de hals van de gitaar verschuiven. Dat hoor je wel vaker natuurlijk maar in veel liedjes op New moon heeft dat - naar mijn idee - veel meer dan elders het vreemde effect van een duistere aanwezigheid in de opnamen - een extra stem, een extra partij die met het liedje meeresoneert.
55) Grote voorganger van Elliott Smith en Conor Oberst is Daniel Johnston, die ik nu aan het ontdekken ben, volgens Wikipedia de 'grondlegger van de lo-fi'. Hij begon begin jaren '80 met het uitbrengen van liedjes die hij op de cassetterecorder had opgenomen en dat geluid heeft hij een flink deel van zijn loopbaan aangehouden - gezocht zelfs. Er is een documentaire met als titel 'The Devil and Daniel Johnston' en dat vind ik erg interessant klinken, ook gelet op de rol die de duivel in Johnstons liedjes speelt: 'Devil Town', "Don't play cards with Satan', en die volgens mij goed aansluit bij de duivel in de folktraditie.
54) Opvallend aan de postume cd New moon van Elliott Smith, bestaande uit demo opnamen van liedjes waarvan ik werkelijk geen idee heb waarom die niet gewoon destijds op een cd terecht zijn gekomen, is het geluid van de vingers die over de hals van de gitaar verschuiven. Dat hoor je wel vaker natuurlijk maar in veel liedjes op New moon heeft dat - naar mijn idee - veel meer dan elders het vreemde effect van een duistere aanwezigheid in de opnamen - een extra stem, een extra partij die met het liedje meeresoneert.
55) Grote voorganger van Elliott Smith en Conor Oberst is Daniel Johnston, die ik nu aan het ontdekken ben, volgens Wikipedia de 'grondlegger van de lo-fi'. Hij begon begin jaren '80 met het uitbrengen van liedjes die hij op de cassetterecorder had opgenomen en dat geluid heeft hij een flink deel van zijn loopbaan aangehouden - gezocht zelfs. Er is een documentaire met als titel 'The Devil and Daniel Johnston' en dat vind ik erg interessant klinken, ook gelet op de rol die de duivel in Johnstons liedjes speelt: 'Devil Town', "Don't play cards with Satan', en die volgens mij goed aansluit bij de duivel in de folktraditie.
Labels:
bright eyes,
daniel johnston,
duivel,
elliott smith
woensdag 2 januari 2013
Notities #45-47
22) Merkwaardig genoeg kom ik deze dagen veel kunst tegen die precies bezig is met waar ik mee bezig ben. In mijn gedichten gaat het de laatste tijd bijvoorbeeld veel over in elkaar vloeiende lichamen. Vandaag zag ik in Museum de Pont in Tilburg het prachtige ‘Eén’ van Berlinde De Bruyckere. De in elkaar vloeiende lichamen zijn bij haar op een Francis Bacon-achtige manier vervormd, ziek, of dood, maar toch - zoals ook de begeleidende tekst aangaf - op een wanhopige manier levend.
45) Anish Kapoor, waarvoor we naar Museum de Pont gingen, maakt conceptuele kunst, waar feitelijk de interpretatie belangrijker is dan het kunstobject zelf. Kunst, niet als afbeelding van de werkelijkheid, maar als een object in de werkelijkheid, met een boodschap over die werkelijkheid. Zoals de spiegels waarmee de positie en waarneming van de beschouwer ten opzichte van het werk ter discussie wordt gesteld, werken over de menselijke ervaring van vormen, de verhouding van machinale kunst en handwerk: ideaalbeeld en praktijk.
46) Dit zijn vragen die ook in het geweldige Liefde van Péter Nádas worden gesteld. Het verhaal (gedicht, bijna) beschrijft angstaanjagend scherp en nauwkeurig een roes, en stelt daarmee de werkelijkheidsbeleving ter discussie. Ook hier vloeien lichamen in elkaar over, om vraagtekens te zetten bij het eigen lichaam, de plaats ervan in de wereld en ten opzichte van de ander, de waarneming en beleving van het eigen lichaam, dat van de ander, de tijd en de ruimte.
47) Over plaatsbepaling: aan de omgevingsgeluiden die te horen zijn in ‘The Big Picture’, het openingsnummer van Lifted van Bright Eyes, zou je denken dat het liedje is opgenomen in een rijdende auto. Maar de zang en gitaar klinken integendeel alsof ze gewoon in de studio zijn opgenomen. Het liedje eindigt met de mystieke ervaring waarin de ‘ik’ de lucht in wordt getild. In de zang begint hij te balken als een ezel, waarna het nummer wordt afgebroken.
45) Anish Kapoor, waarvoor we naar Museum de Pont gingen, maakt conceptuele kunst, waar feitelijk de interpretatie belangrijker is dan het kunstobject zelf. Kunst, niet als afbeelding van de werkelijkheid, maar als een object in de werkelijkheid, met een boodschap over die werkelijkheid. Zoals de spiegels waarmee de positie en waarneming van de beschouwer ten opzichte van het werk ter discussie wordt gesteld, werken over de menselijke ervaring van vormen, de verhouding van machinale kunst en handwerk: ideaalbeeld en praktijk.
46) Dit zijn vragen die ook in het geweldige Liefde van Péter Nádas worden gesteld. Het verhaal (gedicht, bijna) beschrijft angstaanjagend scherp en nauwkeurig een roes, en stelt daarmee de werkelijkheidsbeleving ter discussie. Ook hier vloeien lichamen in elkaar over, om vraagtekens te zetten bij het eigen lichaam, de plaats ervan in de wereld en ten opzichte van de ander, de waarneming en beleving van het eigen lichaam, dat van de ander, de tijd en de ruimte.
47) Over plaatsbepaling: aan de omgevingsgeluiden die te horen zijn in ‘The Big Picture’, het openingsnummer van Lifted van Bright Eyes, zou je denken dat het liedje is opgenomen in een rijdende auto. Maar de zang en gitaar klinken integendeel alsof ze gewoon in de studio zijn opgenomen. Het liedje eindigt met de mystieke ervaring waarin de ‘ik’ de lucht in wordt getild. In de zang begint hij te balken als een ezel, waarna het nummer wordt afgebroken.
vrijdag 18 mei 2012
Notities #20-21
20) Conor Oberst noemde zijn 'soloband' de Mystic Valley Band, naar de vallei waar de band de eerste plaat opnam. Een mystieke plek, volgens Oberst. Maar zijn muziek is al sinds in ieder geval Cassadaga (2007) van zijn 'echte' band Bright Eyes nadrukkelijk mystiek. Enerzijds vanwege de thematiek ('I went to Cassadaga to commune with the dead'), anderzijds ook vanwege de geluiden. Op Cassadaga wordt een onaards effect bereikt door de percussie, de koortjes, de violen; op Conor Oberst (2008) en The people's key (2011) zijn het volgens mij vooral de echo's en de geluidseffecten die daarvoor zorgen. Oberst zoekt op deze platen naar manieren om 'onaards' te klinken. En het lukt.
21) A Coney Island of the Mind van Lawrence Ferlinghetti is jazz: in de klank, het ritme, en ook in mentaliteit. Het laat ook mooi zien hoe arbitrair het adagum 'show don't tell' is. Een prachtige regel als 'without any particular expression / except a certain awful look / of terrible depression' zou bij een al te strikte hantering van het adagium niet door de ballotage komen.
21) A Coney Island of the Mind van Lawrence Ferlinghetti is jazz: in de klank, het ritme, en ook in mentaliteit. Het laat ook mooi zien hoe arbitrair het adagum 'show don't tell' is. Een prachtige regel als 'without any particular expression / except a certain awful look / of terrible depression' zou bij een al te strikte hantering van het adagium niet door de ballotage komen.
Abonneren op:
Posts (Atom)