maandag 25 november 2019

Notitie #373

Heftig boek: Boris Vians Ik zal spuwen op jullie graf. Als wraak voor de moord op zijn jongere broer, die vanwege zijn relatie met een blanke vrouw door racisten is omgebracht, vermoordt Lee Anderson twee (minderjarige) dochters (Lou en Jean) uit een vooraanstaande, blanke en racistische familie (het verhaal speelt in 1941).

Die dubbele moord voert hij bijzonder wreed uit, de voorbereiding is niet minder wreed. Hij gaat met beide meisjes, zonder dat ze dit van elkaar weten, een seksuele relatie aan (zelf heeft hij maar voor een achtste zwart bloed en ziet hij er dus blank uit), waarbij hij één van hen zwanger maakt. Het boek werd bij publicatie in 1946 (Vian publiceerde het onder het pseudoniem Vernon Sullivan) met name verboden vanwege de pornografische beschrijvingen. De seks is dan ook verre van zachtzinnig en ik zou die in de meeste gevallen kwalificeren als verkrachting. Toch is dit voor beide meisjes geen reden de relatie te verbreken. Integendeel, lijkt het wel.

Huiveringwekkende psyche: hij vermoordt twee minderjarige meisjes die feitelijk niets met de dood van zijn jongere broer te maken hebben: het is een wraak op de blanke gemeenschap. Het seksuele domein maakt hier een wezenlijk onderdeel van uit. Geilheid is hier het voorstadium van bloeddorst. De (gewelddadige) dood ligt in dit boek in het verlengde van de (gewelddadige) seks. Maar ook klassieker: geslachtsdrift als doodsdrift. De jongste zus, Jean, is volkomen apathisch op het moment dat ze, na een heftige vrijpartij, wordt vermoord.

zaterdag 2 november 2019

Notities #370-372

370) In zijn bespreking van Bill Viola's Five Angels For The Millenium (2001), in Haai op sterk water (2003), hekelt August Hans den Boef het 'ietsisme':  [...] het halfslachtige, volstrekt persoonlijke en daardoor schijnbaar willekeurige ervan. Maar wat is dan het alternatief? Iets dat absoluut is, algemeen geldt en waar niet aan getwijfeld kan worden? Dan ben ik een overtuigd 'ietsist'. Sterker: dan is iedereen 'ietsist', al bekent niet iedereen dat voor zichzelf.

371) Den Boef stelt dat Viola zich met het water aan 'de rand van de pathos' begeeft (alsof daar iets mis mee zou zijn). Anderhalve pagina later concludeert hij dat Five Angels For The Millenium een werk is over 'de menselijke onmacht om de eigen genzen te ervaren'. Wat betekent dat? Hij trekt de conclusie, ironisch genoeg, in de context van een notie van Bataille: die stelde inderdaad dat de mens niet meer in staat is religieuze gevoelens te ervaren, maar Den Boef laat buiten beschouwing dat Bataille de oplossing zocht in het grensoverschrijdende.

Zijn overige opmerkingen ('Zou God niet de sensatie kunnen zijn dat tijd en ruimte in je hoofd samenvallen - meer een fysieke ervaring dan een geestelijke?') verraden een verbazingwekkend gebrek aan gevoel voor het religieuze. Hij kan met zijn conclusie immers ook bedoelen dat de 'eigen' grenzen buiten het menselijke bereik liggen, maar daarvoor zijn zijn kunstopvattingen volgens mij te begrensd.

372) Als hij de 'vrouwenfoto's van Paul Kooiker' bespreekt, heeft Den Boef het zonder terughouding over 'lelijke' foto's, 'weerzinwekkend', 'vreselijk', waarbij het nog niet eens zozeer over de techniek heeft, maar vooral over het onderwerp: 'vrouwen bij wie het vet om het lichaam gulpt'. Met geen woord problematiseert hij die 'lelijkheid', al dan niet in relatie tot het willen 'behagen van de toeschouwer' waar hij het m.b.t. fotografie in het algemeen over heeft. Daarmee sluit hij zich voetstoots aan bij de heersende opvattingen over schoonheid, terwijl Kooiker volgens mij precies die in twijfel wil trekken.

dinsdag 22 oktober 2019

Notities #365-369

365) In gedicht 56 in Love Three, waarin Aaron Kunin zijn seksuele voorkeuren opsomt, stelt hij o.a. opgewonden te raken van (verbale en lichamelijke) vernedering. Ik vraag me af of deze voorkeur het voor hem ook eenvoudiger maakt [dan voor mij] om dit soort bekentenissen in zijn poëzie te doen.

366) Wat is dat, een seksuele voorkeur, wat zegt die over je: je persoonlijkheid, je psyche, je overige verlangens? Het erotische domein is interessant omdat het allerlei, veelal onbewuste, motivaties samenbrengt. In het voorgaande gedicht (55) onderzoekt Kunin 'A love/ that is really hate. Misogyny.' Die 'hatende liefde', die Kunin expliciet vanuit de 'feministische kritiek' bespreekt, werkt volgens mij twee kanten op: de dichter haat zijn object van liefde en hij houdt ervan door zijn object van liefde te worden gehaat.

367) Het seksueel opgewonden raken van vernedering heeft, bij Kunin en volgens mij ook in het algemeen, te maken met het uitoefenen en ondergaan van macht. Hij citeert in gedicht 66 Crowds and power van Elias Canetti: 'Anyone who wants to rule men first tries to humiliate them, to trick them out of their rights and their capacity for resistance, until they are powerless before them as animals.'

Kunin maakt hier de notie 'macht' politiek, waar het daarvóór over macht binnen een relatie ging. Hij stelt (terecht, volgens mij) dat de aantrekkingskracht van macht te maken heeft met de spanning van het gegeven dat machtsverhoudingen kunnen omdraaien. Dat geldt voor zowel het persoonlijke als het publieke (politieke) domein.

368) Sinds Donald Trump tot president van de Verenigde Staten werd gekozen, lees ik met enige regelmaat een theorie over zijn achterliggende bedoelingen. Het ijzingwekkende lijkt me inmiddels dat die achterliggende bedoeling er niet is. Er is geen ideologie, er is alleen een afgrondelijke domheid (zijn a-moraliteit, racisme, seksisme, ijdelheid, etc. zijn daarop terug te voeren). Ik ben er steeds meer van overtuigd dat zijn presidentschap leeg is. Trump is de uiterste consequentie van het kapitalistische denken: het doel van macht is geld. Letterlijk niets anders telt.

369) Is Kunins 'love that is really hate' ook politiek toe te passen? De leider die het volk dat hij leidt haat, het volk dat ervan houdt om door de leider te worden gehaat?

maandag 14 oktober 2019

Notitie #364


Ik was vergeten dat Olivia Laing in haar The Lonely City een sleutelscène uit Alfred Hitchcocks Vertigo typeert als één van de meest eenzame scènes die ze kent. Tot ik de film zag en de passage herlas.

Het gaat om de scène waarin ex-politieagent en privé detective Scottie zijn verloren geliefde Madeleine herschept in Judy, de working class vrouw die hij na de dood van Madeleine ontmoet. Ze lijkt op de dode vrouw (of: is ze haar?) en Scottie transformeert haar stap voor stap: ze moet haar haar blonderen en bepaalde kleding dragen en als ze uiteindelijk volledig als de verloren geliefde tevoorschijn komt (de groene belichting is prachtig: die komt van het neonlicht van het hotel, maar heeft ook een onaards effect), sluit hij haar in zijn armen. Ze zoenen.

Natuurlijk heeft Laing gelijk, want hij houdt uiteindelijk noch Madeleine, noch Judy vast. Toch interpreteerde ik de scène als een gelukkige: ze is dan wel een illusie, maar ze is er.

'Alle liefde is liefde voor denkbeelden, dat kan niet anders', schreef Gorter eens. Een rake, maar te absoluut geformuleerde notie, want er zijn in de geliefde altijd objectief aanwijsbare elementen die de liefde opwekken, of zo je wilt, die aansluiten bij het 'denkbeeld'. In de bewuste scène uit Vertigo worden precies die elementen, ten gunste van de illusie, geofferd.

dinsdag 10 september 2019

Notitie #363

Pijnlijk filmpje:

Ik hou van John Lennon, het besproken nummer ('Woman is the n*** of the world') is één van mijn favoriete liedjes uit zijn solowerk en ik sta volledig achter de boodschap. S. heeft grote problemen met het gebruik van het 'n-woord' en inmiddels begrijp ook ik, o.a. door de documentaireserie America to me (van Steve James) dat dit zéér gevoelig ligt. Recent zijn er (in de VS) verschillende controverses geweest, waarbij steeds de stelling werd verdedigd dat een blanke nooit het 'n-woord' in de mond mag nemen, ongeacht de context: dus ook niet als citaat of als het lezen van een titel.

Daar valt vanuit mijn perspectief wel wat tegenin te brengen, maar hier geldt (net als in de Zwarte Piet-discussie trouwens) dat mijn perspectief niet relevant is: ik heb rekening te houden met deze gevoeligheden: het ligt zeker niet voor niets gevoelig.

In de periode van dit filmpje (1972) was Lennon radicaal en compromisloos en dat bewonder ik. Pijnlijk is dat hij zich in het geheel niet bewust lijkt van de gevoeligheid van het woord: hij geeft zich er geen enkele rekenschap van. Hij bagatelliseert het door te zeggen dat alleen 'witte mannen' een probleem hebben met het woord en dat zijn 'zwarte vrienden' vinden dat hij alle recht heeft dat woord te gebruiken, 'because they understand it'.

Dat eerste betwijfel ik zeer en dat tweede is vreemd, omdat hij toen deel uitmaakte van een revolutionaire beweging die juist ook de emancipatie van de zwarte gemeenschap voorstond. Lennon wijst op de veranderde betekenis van het woord (waarbij het de vraag is of die betekenisverandering heeft plaatsgevonden) en geeft zich daarmee geen rekenschap van de oorspronkelijke betekenis, die hoe dan ook meeklinkt. Hij blijft het woord (provocatief?) herhalen (ik heb het geturfd: 10x in iets meer dan 2 minuten) en onderstreept daarmee dat hij vindt dat hij dat woord mag gebruiken. Lennons lef en naïviteit, die hem zo bijzonder en mooi maakte als hij was, hadden duidelijk ook een minder fraaie kant.

maandag 9 september 2019

Notities #361-362

361) Een Lego-toren gebouwd met mijn dochter A. (bijna 3), vrijwel zonder haar te helpen of te corrigeren. Ze kwam steeds met onverwachte oplossingen, die soms werkten en soms niet.

Voor zover mijn gedichten experimenteel zijn, realiseerde ik me door A., zijn het bedachte experimenten, of preciezer: experimenten die uitgaan van een idee van wat een experiment is; een breed gedragen opvatting daarvan. Het gaat dus steeds om een conformistisch experiment. Het 'echte' experiment komt niet tot stand, door kennis en mimese.

Het 'experiment' van A. is niet als zodanig bedoeld. Het is ook niet zo dat A. zich niets aantrekt van (natuur)wetten en regels omdat ze die niet kent: ze is zich wel degelijk bewust van bijvoorbeeld de zwaartekracht en handelt daar ook naar. De schoonheid zit dan ook niet zozeer in de 'spontaniteit' van het kind, die bijvoorbeeld Cobra nastreefde (het ging hen als ik me niet vergis vooral om een onbevangenheid, die voor een volwassen mens wellicht alleen via 'spontaniteit' is te bereiken. Probleem daaraan is dat de kennis van de wereld wel aanwezig is, maar bewust wordt uitgeschakeld. Het wordt een 'alsof'-situatie).

Een 'experimentele' houding vanuit een wetend niet-weten lijkt me vruchtbaarder. Dus: de positie van het experimenterende kind behouden door telkens, met medeneming van de opgedane ervaringen, (echt) onbekend terrein te zoeken - niet om te experimenteren, maar om te leven. Ook belangrijk: (net als A.) niet bang zijn om te mislukken.

(Daar hoort volgens mij een zekere desinteresse in het eindresultaat bij. A. timmerde haar toren na zeker een half uur bouwen helemaal aan stukken, tot er enkel nog een doos Legosteentjes over was).

362) Ik dacht altijd dat de pathetiek van Queens 'Bohemian Rhapsody' werd opgeheven door de (groteske) overdrijving. Dat is niet onwaar, maar die gedachte gaat voorbij aan de tekst, waarin Freddie Mercury er expliciet op wijst dat het nummer een maskerade is, waarachter de kern (die hij niet laat zien) zich verschuilt: 'Nothing really matters/ Anyone can see/ Nothing really matters to me'. Dat is de echte kracht van het operagedeelte: het belichaamt én maskeert het drama.

zondag 8 september 2019

Citaat 8 september 2019

De liefde, zegt een mysticus, is niets anders dan gebluste toorn.

- Rudolf Otto (1869-1937).
Uit: Het Heilige (1917), vert. Daniël Mok